|
|
|
|
De Ayurveda in notedop.
De basisprincipes van de Ayurveda worden beschreven in de Rig Veda, de Yaur Veda de Sama Veda en de Atharva Veda. Deze heilige geschriften zijn minimaal 5000 jaar oud, wellicht ouder.
In de Rig Veda worden operaties en gebruik van prothesen beschreven en een opsomming van 67 geneeskrachtige planten.
In de Atharva Veda worden 290 geneeskrachtige planten en vele geheime therapien genoemd.
De Ayurveda kent 8 disciplines:
-
1 kaya cikitsa, de interne geneeskunde
-
2 salya tantra, de chirurgie
-
3 salakya tantra, de keel, neus, oor, kaak en tandheelkunde
-
4 agada tantra, detoxologie of leer der vergiften
-
5 butha vidya, de psychiatrie, de behandeling van geestelijke toestand
-
6 bala tantra, kindergeneeskunst of gynaecologie
-
7 rasyana tantra, de geriatrie of leer van de ouderdomsziekten
-
8 vajikarana tantra
Ayurveda is de kennis van de natuurlijke harmonie en de leer die verstoringen van het evenwicht helpt overwinnen.
Het verkeerd gebruik of het niet gebruiken van de zintuigen kan leiden tot een verstoring van het menselijk evenwicht en van het evenwicht tussen mens en cosmos.
De indentiteit (samanya) van natuur (prktri) en mens (purusha) is het fundament waarop alle principes van de Ayurveda berusten.
Het innerlijk evenwicht, het psychisch welzijn en de gezondheid van de mens zijn afhankelijk van drie krachten die alle lichamelijken en geestelijke processen beheersen en met elkaar in harmonie moeten zijn. Deze drie krachten, kapha, pitta en vata weerspiegelen de kosmische krachten in de minikosmos "mens".
Pitta geeft warmte en innerlijke energie. Kapha geeft de cellen en het hele lichaam structuur en samenhang en werkt verkoelend.Vata is de levensimpuls
De tridosa zijn in elk leven wezen werkzaam. De gehele materie zowel dode als levende wordt opgevat als een compostie die uit niet meer dan vijf basiselementen (de Panca Mahabhutas) is opgebouwd.
De drie krachten beheersen alle biologische principes. Zij zijn altijd alleen als totaliteit waarneembaar en treden nooit afzonderlijk op . Deze interne tridosa wordt beinvloed door uiterlijke factoren zoals zintuigelijke waarnemingen en voedingsgewoonten.
Er zijn 7 dhatu"s (kernweefsels), 13 grote en talloze kleinere srota's (kanalen) en 3 mala"s (uitscheidingsprodukten).
De 7 dhatu"s of kenweefsels zijn:
Voedsel dat in het lichaam is opgenomen doorloopt een aantal gecompliceerde processen waarbij het zijn oorspronkelijke vorm steeds meer verliest en langzaam in een lichaams-eigen substantie verandert.
Daarbij ontstaat het chylus ofwel ahara rasa die geen voedsel meer is maar ook nog niet de vorm van lichaamsweefsel heeft aangenomen. Dit ahara rasa wordt met behulp van agni, het spijsverteringsvuur omgezet in rasu datu en wordt via het vata door het hele lichaam getransporteerd.
Ons lichaam heeft tal van grote (13) en kleine kanalen die voor transport dienen. Alle srota' dienen intact zijn zodat er een ononderbroken stroom, een constante circulatie mogelijk is. De ayurveda verdeelt de lichaamskanalen in dertien verschillende categorien.
-
1 prana vaha srota , kanalen die de lucht van buitenaf tot in de bloedstroom leiden
-
2 udaka vaha srota , kanalen die water, serumen lymfe vervoeren
-
3 anna vaha srota, kanalen waarin vast en vloeibaar voedsel wordt vervoerd
-
4 rasa vaha sotra, kanalen voor bloedsomloop plasma en chylus
-
5 rakta vaha sotra , kanalen waarin homoglobine ontstaat
-
6 mama vah sotra , bouwstoffen voor de spierweefsel
-
7 meda vaha sotra, bouwstoffen voor de vetweefsel
-
8 asthi vda sotra, bowstoffen voor de beendermerg
-
9 majji vaha sotra, bouwstoffen voor de beenmerg
-
10 sukra vaha sotra, bouwstoffen vor de geslachtklieren
-
11 mutra veha sotra, urineafscheiding
-
12 purisa vaha sotra, faecesafscheiding
-
13 sveda vaha sotra, zweet afscheiding
Als de circulatie verstoord is kunnen er in de volgende plaatsen ziekteverschijnselen voordoen afhankelijk van welke sotra verstoord is:
-
1 hart, borst en buik
-
2 gehemelte en pancreas
-
3 maag
-
4 hart, vaten
-
5 lever, mile
-
6 gewrichtsbanden, huid
-
7 nieren, vetweefsel van de buik
-
8 bot en verweefsel
-
9 botten en gewrichten
-
10 testikels, eierstokken
-
11 nieren, blaas
-
12 dikke darm, endeldarm
-
13 vetweefsel, haarzakjes
Factoren die de natuurlijke functies van de bovenstaande respectievelijke srota's remmen zijn
-
1 onderdrukken of ongeremd uitleven van natuurlijke behoeften, lichamelijke inspanning op lege maag. Rauw voedsel.
-
2 gebrekkige spijsvertering, te droog voedsel, exterme dorst, alchol, hitte
-
3 onregelmatig eten, consumtie van moeilijke verteerbaar voedsel, zwakke spijsvertering
-
4 teveel zwaar, koud olie houdend voedsel, overbezorgdheid
-
5 oliehoudend heet voedsel, voedsel datde maag irriteerd, hitte
-
6 grof en zwaar voedsel, slapen na maaltijd
-
7 vet eten, gebrek aan beweging, slaap overdag
-
8 alle substanties die vatta versterken, te zware lichaamsoefeningen
-
9 verwondingen, kneuzingen, overmatige vloeistofconsumptie
-
10 alkalische substanties, chirurgische ingrepen
-
11 onderdrukken urinedrang
-
12 onderdrukken stoelgang, te vaak of te veel eten
-
13 te grote lichamelijke inspanningen, hitte, gevoelens van irritatie, boosheid en angst, overmatig drinken
Er zijn 3 mala"s die uitgescheiden moeten worden: purisa (ontlasting), mutra (urine) en sweda(zweet). Deze moeten goed functioneren om de gevormde giftige afvalstoffen uit te scheiden. Een goed functionerende agni is voor het behoud en vebetering van de gezondheid van doorslaggevend betekenis. Een vermindering van de agni-functie leidt tot een onvoldoende spijsvertering en stoornissen in de stofwisseling.
Voor een goed functioneren is het belangrijk dat elke dag alle 6 smaken worden gebruikt. Daarmee worden alle delen van het lichaam gestimuleerd:
De smaken zijn:
-
Zoet
-
Zuur
-
Zoutachtig
-
Scherp
-
Bitter
-
Samentrekkend (wrang)
Elke smaak, kleur en edelsteen heeft een versterkende of verzwakkende werking op de verhouding pitta,kapha en vata en daarmee op ons geestelijk en lichamelijk functioneren..
|
|